Ordre Equestre du Saint-Sépulcre de Jérusalem-Lieutenance de Belgique
http://ordredusaintsepulcre.be/De-uitdagingen-van-de-geloofsverkondiging
      De uitdagingen van de geloofsverkondiging

De uitdagingen van de geloofsverkondiging

LUIK – Mgr. Jean-Pierre Delville, Bisschop van Luik en Prior van de Luikse sectie van de Belgische Landscommanderij van de Orde van het Heilig Graf van Jeruzalem, heeft op 4 februari de leden van zijn sectie ontvangen. Hij liet hen bij deze gelegenheid kennis maken met zijn overwegingen over de uitdagingen waarmee de geloofsverkondiging heden wordt geconfronteerd. Na zijn stevig, doorgrond en stimulerend betoog droeg hij in zijn mooie privékapel de H. Mis op voor de intenties van de leden en als dankbetuiging voor de overleden bisschop Mgr. Paul Lanneau.


Voor Mgr. Delville is geloofsverkondiging doorheen de tijden nooit een gemakkelijke zaak geweest. Gedurende de twee eeuwen christendom betekende de geloofsverkondiging in elke periode en in elke culturele situatie een ware uitdaging. Om dit duidelijk te maken deelde hij in het eerste deel van zijn betoog de twee eeuwen evangelisatie op in 14 perioden. Hij wist deze indeling met tal van voorbeelden te duiden. In een tweede deel belichtte hij de uitdagingen waarvoor de actuele geloofsverkondiging zich geplaatst weet. Hij baseerde zich hiervoor uitvoerig op Evangelii Gaudium (EG)

1. Historische uitdaging voor de geloofsverkondiging

De boodschap waarbij het christendom wordt doorgegeven, kent doorgaans twee types van tegengestelde reacties: een reactie van deelname of een reactie van verwerping. De boodschap wordt vaak verworpen omdat ze noch vanzelfsprekend of voor de hand liggend is en omdat ze indruist tegen onze eerste betrachtingen die nauw met overleven, veiligheid, bezit… te maken hebben. In zeker opzicht is het evangelie verontrustend. De verkondiging gaat geenszins vanzelf.

De eerste volgelingen werden ermee belast de Boodschap als het ware te weerspiegelen. Zij waren geen pedagogen en waren zelf niet eens ten volle in de inhoud onderwezen. Zij gaven door wat ze er zelf van begrepen hadden en dit zonder enige systematiek. De overdracht was dus onvolledig en onvolkomen.

Na hun Pinksteren trokken de leerlingen naar de grote steden van het keizerrijk en getuigden daar van hetgeen ze zelf hadden gezien. Alle aandacht was op Christus gericht. De rol van de éénmaker en verzoener moest binnen de verkondiging nog ontdekt worden. De verkondiging gebeurde bovendien in een veelheid aan religieuze, etnische, sociologische en taalkundige culturen die ook hun tijd rijk was.

De eerste christen gemeenschappen bevonden zich in een grondige wanverhouding met de heersende samenleving die doorgaans door gewelddadigheid, slavernij en gebrek aan openbare moraal werd gekenmerkt. De christen gemeenschappen waren daarentegen plaatsen van uitwisseling, mededeelzaamheid, ondersteuning en naastenliefde. Het waren plaatsen waar Joden en heidenen elkaar ontmoetten. Het doorgeven van het geloof was als het ware een logische overdracht door levendige en dynamische gemeenschappen. Deze gemeenschappen konden doorbreken omdat ze aan de macht van de vergoddelijkte keizers wisten te weerstaan en ondanks het feit dat ze door de overheden als bedreigend werden aanzien.

De wederzijdse verrijking tussen het geloof en de ontvangende cultuur brachten problemen met zich mee die inherent aan de diversiteit verbonden waren. Van dan af aan was het geloof niet langer een monolithisch blok. Er ontstonden nuances en verschillen. De vier evangelies getuigen zelf reeds van deze afwijkingen: het Lucasevangelie is hellenistisch geïnspireerd, terwijl dat van Marcus van de Romeinse cultuur is doordrongen. Het Evangelie van Mattheus draagt de Joodse stempel en het Johannesevangelie, dat pas veel later verscheen, poogt bepaalde beperkingen van de drie vorige op te vangen. De uitdaging die zich hier stelde, was deze van de verscheidenheid.

Beetje bij beetje vormden de christenen de meerderheid in het keizerrijk. Het christendom werd in 313 erkend en aanvaard en Keizer Theodosius maakte er in 380 zelfs de verplichte staatsgodsdienst van. Parallel hiermee dienden de ketterijen te worden bestreden die het geloof deden ontaarden. De sociologische verkondiging voltrok zich bij monde van de heersende meerderheid. Dat bracht weer nieuwe tot dan toe ongekende uitdagingen met zich mee.

De Germaanse invallen betekenden een totale ommekeer van de samenleving. Hun eigen cultuur verschilde immers gevoelig van de christen en Latijnse cultuur. Deze verschillende culturen zouden zich echter vrij snel wederzijds aanpassen. Mgr. Delville ontwikkelde een uitvoerig betoog over de cultuur van de aanpassing: de Germanen praktiseerden een cultus rond natuurverschijnselen en dito voorwerpen (bomen, bronnen, pelgrimstochten, offers…) en hingen de magie en talismannen aan. De reliekencultus van heiligen en de pelgrimstochten naar de heilige plaatsen zouden dan ook op progressieve wijze een ontwikkeling kennen.

Ook het platteland werd in deze interculturele beweging en in samenhang met de opkomende kloosters geleidelijk aan gekerstend. De kloostergemeenschappen stonden model voor een perfecte samenleving en vormden een alternatief voor de gewelddadige cultuur van de Germanen. Zo werd het christelijk geloof de bouwheer van de samenleving en de beschaving.

Met de ontwikkeling van de steden ontstond een nieuwe vorm van evangelisatie die door de pauselijke orden zoals de Franciscanen en de Dominicanen werd uitgedragen. Deze zouden zich aan de stedelijke cultuur aanpassen en de rijken bestrijden. Zij keerden naar de bronnen van het Evangelie van Christus terug. Ze vonden als het ware de catechese uit en hadden een bijzondere aandacht voor de zending. Het Thomisme promootte een nieuw evenwicht tussen natuur en geloof.

Samen met de Reformatie verscheen in de 16de het individu. Men redeneerde niet langer meer prioritair als lid van een gemeenschap of een groep, maar als individu. Parallel hiermee, als reactie op bepaalde misbruiken (relieken, aflaten…) verkondigde Luther de terugkeer naar de bron, met name naar de Schrift. Maar deze heroriëntering gebeurde op een bijzonder onverdraagzame manier en steunde op een Augustijnse theologie die de genade laat gelden boven de menselijke vrijheid. Luther ontwikkelde wel een pedagogie van het geloof en bracht in deze context voor het eerst een catechismus met vraag en antwoord tot stand. Hij verwierp het Thomisme en de theologie van de natuur. Alles stond in het teken van het geloof.

De Franse Revolutie en de Verlichting legde alle gewicht op de vrijheid en de ethiek en stelde dit boven elke andere overweging. Dit stond haaks op het katholicisme waar de sociale dimensie als fundamenteel werd beschouwd. Als reactie hierop bracht de Kerk een uitgebreid netwerk van scholen tot stand om zo in de vorming van het vrije geweten van de kinderen te voorzien. Geloofsverkondiging kreeg op die manier zelfs een (ongewilde) stimulans.

Als gevolg van de wetenschappelijke en de industriële revolutie van de 19de eeuw met de daarbij horende ontkenning van de fundamenten van het geloof betreffende natuur en schepping werd de verkondiging met nieuwe uitdagingen geconfronteerd. Maar er ontstonden tegelijk nieuwe wetenschappen (zoals de archeologie) die een dialoog tussen het geloof en de wetenschap mogelijk maakten.

Het Tweede Vaticaans Concilie herdefinieerde de plaats van de Kerk in de samenleving. Het benadrukte de rol van de catechese en van het inkapselen ervan in het leven. Het bracht tevens een opwaardering van de dialoog van de Kerk en het geloof met de maatschappij en met andere spirituele stromingen.

De 21ste eeuw wordt dan weer gekenmerkt door een crisis van de instellingen en door een groeiende spanning tussen gemeenschapszin en individualisme. Wij bevinden ons in een wereld die door netwerken en informatiestromen wordt overspoeld. Maar deze beschadigen tegelijk de goede communicatie en bemoeilijken de verkondiging.

Verder is de geloofsoverdracht in de schoot van het gezin en in de schoolse situatie verre van evident. De religieuze praktijk vermindert zienderogen en in hetzelfde tempo neemt ook de catechisatie af. De klassieke tussenpersonen in de waarden- en geloofsoverdracht zoals bijvoorbeeld de jeugdbewegingen, vervullen niet langer nog hun betreffende rol of ze doen het op een heel andere wijze.

2. De hedendaagse uitdagingen van de geloofsverkondiging

Mgr. Delville stelde de Apostolische Exhortatie Evangelii Gaudium (EG) voor en contextualiseerde deze belangrijke tekst in functie van de geloofsverkondiging. Hij beperkte zich hierbij bewust tot twee belangrijke vragen: Wie moet het geloof verkondigen en hoe moet dit gebeuren.

WIE?

Wij zijn met zijn alle geroepen om het geloof te verkondigen:

• In de Kerk: de Kerk heeft een missionerende taak en moet naar buiten treden. De “open Kerk” is de gemeenschap van missionerende volgelingen die initiatief neemt, die zich betrokken weet, die begeleidt, die vruchten draagt en feestelijk onthaalt. Een evangeliserende gemeenschap ervaart dat de Heer het initiatief neemt, dat Hij haar tot de Liefde heeft voorbestemd (1 Joh 4, 10). En omwille hiervan kan deze gemeenschap vooruitgaan, kan zij onbevreesd het initiatief nemen, kan zij op weg gaan om te ontmoeten, kan zij diegenen zoeken die veraf zijn en op het kruispunt der wegen diegenen uitnodigen die zich uitgesloten weten.

• Invloed van ouders en familie: deze belangrijke dimensie vindt men reeds in het Evangelie terug. Ook grootouders hebben in dat verband (zelfs meer en meer) een fundamentele rol.

• De rol van de samenleving, de gemeenschap, school, vrienden en kameraden. De rol van de landscommanderij in de verdieping van het geloof wordt hierbij in herinnering gebracht.

• Individuele spirituele begeleiding die zich, in het licht van de continuïteit, specifiek op elke leeftijd wordt afgestemd.

HOE?

In navolging van de Paus presenteerde Mgr. Delvigne vier invalshoeken voor de catechese die grotendeels complementair werken:

a) De kerygmatische of verkondigende catechese
Dit betreft de eerste verkondiging, deze over de kern van het geloof (EG 163). Mgr. Delville stelt voor dat elkeen zich zou bijscholen en de geloofsbelijdenis opnieuw zou worden opgewaardeerd.

b) De Bijbelse catechese
De Paus dringt aan op de noodzakelijkheid om op school een grotere notie van de Bijbelse context aan te leren (EG 175). Evangelisatie vraagt om voldoende vertrouwdheid met het Woord van God en dat veronderstelt dat de bisdommen, parochies en alle katholieke verenigingen een ernstige en volgehouden Bijbelstudie zouden organiseren. Tevens zou het lezen van de Bijbel, zowel individueel als in groep, moeten aangemoedigd worden. De Paus heeft immers een nieuw liturgisch feest ingesteld, namelijk dit van het Woord Gods.

c) De mystagogische catechese of de leer van de mysteries
Een ander kenmerk van de catechese die zich de laatste jaren heeft ontwikkeld is deze van de mystagogische initiatie, dit wil zeggen, de inwijding in de mysteries van het geloof en in het gebed. Hierbij worden essentieel twee elementen veronderstelt: de noodzakelijke vooruitgang in vorming waarbij de hele gemeenschap tussenkomt en een heropwaardering van de liturgische tekens van de christelijke initiatie.

d) De ethische catechese
Dit betreft het engagement ten aanzien van de armen en de vrede (EG 48): “Vandaag, zoals in heel de geschiedenis, zijn de armen de bevoorrechte doelgroep van het Evangelie en de evangelisatie. Deze wordt hen belangeloos aangereikt en staat symbool voor het Koninkrijk dat Jezus onder de mensen heeft gevestigd…”

Verder heeft Mgr. Delville de nuttigheidsdimensie van het geloof uitgediept, in het bijzonder in verband met ons engagement ten aanzien van het Heilig Land.

Na zijn betoog ging Mgr. Delville nog in dialoog met de aanwezigen, in het bijzonder over de vier voorgaande punten.

Vertaling l.d.s.

Réagir à cet articleRéagir à cet article

Een bericht, een commentaar?

vooraf modereren

Let op: je bericht verschijnt pas wanneer het gelezen en goedgekeurd is.

Wie ben je?

Om je gebruikersafbeelding bij je bericht te tonen moet je je eerst registreren opgravatar.com (gratuit et indolore). Vergeet niet om hier je e-mailadres te vermelden.

Vul hier je commentaar in
  • In dit formulier kun je de SPIP-codes [->url] {{vet}} {cursief} <quote> <code> en HTML code <q> <del> <ins> gebruiken. Om een nieuwe paragraaf te maken laat je gewoon een paar regels leeg.



Wereldnieuws

Agenda
Juni 2017 :

Niets voor deze maand

Mei 2017 | Juli 2017

newsletter